De vredesboom*

In het dorp had sinds mensenheugenis een prachtige dennenboom gestaan, midden op het plein. De kinderen zochten er dennenappels, de oude mensen zaten er 's middags in de schaduw van de boom en de vogels bouwden er hun nesten in. Op een kwade dag bleek de boom ziek te zijn. Hij was niet meer te redden en moest worden omgehakt. Iedereen was verdrietig. Het dorpsplein was leeg en kaal. Zou er uit de kale stronk ooit nog een nieuwe boom kunnen groeien? Het leek onmogelijk.

'Het kan’, zei een oude, wijze man uit het dorp. 'Het kan, op één voorwaarde.' 'Wat is die voorwaarde?', vroegen de mensen. De oude man antwoordde: 'Deze stronk zal weer uitlopen als er genoeg vrede is in dit dorp.'

De mensen keken elkaar verbaasd aan: 'Het was toch vrede in het dorp?' Maar goed, als er nog meer vrede moest komen dan zouden ze er voor zorgen. Op school werd voortaan les gegeven over vrede. Er kwam een groot bord op het plein te staan met het woord 'vrede'. Maar ... de stronk bleef kaal; hij begon niet uit te lopen.

De mensen zeiden: 'We moeten misschien nog meer doen. De kinderen krijgen nog meer lessen over vrede en we gaan bidden voor de vrede.' Zo gebeurde het. Maar de stronk bleef kaal en liep niet uit.

Vrede? Een vrouw begon na te denken over zichzelf. Ze wist wel dat ze een scherpe tong had en vaak kwaadsprak. Ze was meer een onruststoker dan een vredestichter. Ze nam zich voor te proberen haar tong wat minder scherp te laten zijn.

Vrede? De boer vlak buiten het dorp wist dat hij niet goed zorgde voor zijn dieren. Soms sloeg hij zijn beesten. Die hadden geen vredig bestaan bij hem. Hij nam zich voor beter voor zijn vee te gaan zorgen. Zo veranderde er iets in de houding van de vrouw en de boer. En niet alleen bij hen. Steeds meer dorpelingen begonnen na te denken over hoe zij omgingen met mensen en dieren. Daardoor begon er iets in het dorp te veranderen.

Op een ochtend liep er een klein meisje over het plein. Ineens riep ze: 'De stronk, de stronk, er groeit een takje uit!' Vanaf die dag begon de dennenboom weer te groeien.

Reizigers die het dorp bezochten en de jonge boom zagen, hoorden wat er was gebeurd. Zij dachten: 'Dat moet toch ook in ons dorp mogelijk zijn!' Vanaf die tijd zetten mensen over heel de wereld met kerst een dennenboom in huis om dit verhaal nooit meer te vergeten.


(Uit: Stephan de Jong, De droom van de generaal en andere verhalen bij thema’s uit de bijbel, Kok, Kampen, 2002, pp. 17-18)